HOME / ARCHIEF | INFO
EDITIE 10 NOVEMBER 2008


Geimpregneerd hout info






Vervolg zaak gif(speel)hout: Hoger beroep bij Raad van State op 4 november 2008



Door Nel de Best en Henk Niggebrugge

DEN HAAG / EINDHOVEN - Dhr. en mw. Heijmen haalden hun kinderen van school omdat de kinderen op het schoolplein in aanraking kwamen met giftig (speel)hout. Zij kozen ervoor om de kinderen tijdelijk op een andere school te plaatsen tot diverse juridische procedures afgehandeld zouden zijn. Dit gebeurde in overleg met bureau leerplicht en met instemming van beide scholen. Plotseling echter MOESTEN de ouders beslissen op welke school de kinderen zouden blijven en werden daarmee gedwongen om:


1. Te kiezen voor de basisschool EBS-online, waar hun kinderen worden blootgesteld aan o.a. de carcinogene (kankerverwekkende) stof Chroom VI dat vrijkomt (zie bewijzen 1, 2, 3 en meer) uit het op het schoolplein aanwezige (bewijs) ge´mpregneerde hout;

2. Te kiezen voor een Saltoschool met het risico dat de ouders alle lopende juridische procedures, die zijn ontstaan als gevolg van de aanwezigheid van het gif(speel)hout op de speelplaats van basisschool EBS-online, bij uitschrijving van die school zullen gaan verliezen. Dit omdat zij door de rechters dan niet meer als belanghebbenden zouden kunnen worden aangemerkt (zie ook: Actio Popularis).


JANUARI 2007
In januari 2007 ontdekten de dhr. en mw. Heijmen dat hun kinderen in aanraking kwamen met uitlogend giftig hout op het schoolplein (zie editie 2007-01-28). Zij maakten zich daarover zorgen en hebben vervolgens advies ingewonnen bij hogere veiligheidskundige A.M.L. van Rooij van het Ecologisch Kennis Centrum (hierna EKC). Na daarover overleg te hebben gehad met de directeur en de voorzitter van het bestuur van EBS-online, heeft Van Rooij in opdracht van dhr. en mw. Heijmen in februari 2007 een vanuit de Arbowet verplichte risico inventarisatie en evaluatie (pdf-bestand) opgesteld over de gevaren van het ge´mpregneerde hout (zie editie 2007-04-02).

Bij deze risico inventarisatie en evaluatie waren blz. 182 en 183 van het RIVM rapport 609021030/2004 gevoegd dat in 2004 in opdracht van de VROM-inspectie is uitgevoerd. Daarin staat over chroom VI het volgende geschreven:

ôDe orale plus dermale blootstelling van kinderen overschrijdt de Maximaal Toelaatbare Risiconiveau (MTR) waarde van Chroom VI." (Zie ook bewijs-editie: 2007-07-27)

Met deze wetenschap was het schoolbestuur volgens Van Rooij wettelijk verplicht om naar aanleiding van bovengenoemde risico inventarisatie en evaluatie een Plan van Aanpak op te stellen waarin staat geschreven dat al het ge´mpregneerde hout van het schoolplein van EBS-online moet worden verwijderd als gevaarlijk afval. Dit des te meer omdat er volgens Van Rooij veel vervangende producten op de markt te koop zijn, waaronder kastanje houten palen of palen van acacia hout die even lang goed zouden blijven.

Omdat het schoolbestuur de betreffende ge´mpregneerde palen op het schoolplein van EBS-online wilden laten staan en dhr. en mw. Heijmen niet wilden dat hun kinderen in schooltijd aan de carcinogene (kankerverwekkende) stof Chroom VI en andere giftige stoffen worden blootgesteld zijn daaruit allerlei juridische procedures ontstaan. Zij besloten hun kinderen naar een andere school te sturen totdat deze juridische procedures zouden zijn afgerond in de hoop dat de rechter zou beslissen dat de ge´mpregneerde palen van het schoolplein verwijderd zouden moeten worden. Hierna zouden hun kinderen weer terug kunnen naar de school maar dan zonder de ge´mpregneerde palen op het schoolplein.
Zie bijlage 1

FEBRUARI 2007
Bij brief van 15 februari 2007 liet de directeur van basisschool EBS-online de familie B. Heijmen weten dat zij hieraan mee wilde werken en dat hun kinderen (lopende de gerechtelijke procedures) tijdelijk zouden worden overgeplaatst naar een Saltoschool.
Zie bijlage 2

MEI 2007
De directeur van basisschool EBS-online laat weten dat het hout op het schoolplein blijft staan omdat officiŰle instanties zouden vinden dat er geen maatregelen nodig zijn. (Zie "GGD Arts Jans adviseerde om ge´mpregneerd hout rond zandbak basisschool EBS te vervangen" in editie 2007-12-21 en andere uitspraken door officiŰle instanties in de bewijzen)
Tevens wil de directeur van basisschool EBS-online in strijd met de eerder gemaakte afspraak ineens dat er een beslissing genomen wordt over op welke school de kinderen nu definitief blijven.
Zie bijlage 3

SEPTEMBER 2007
Ook de tijdelijk nieuwe Saltoschool laat in strijd met eerder gemaakte afspraken de familie B. Heijmen bij brief van 11 september 2007 ineens weten dat het noodzakelijk is dat hun kinderen voor 1 oktober 2007 daar formeel zijn ingeschreven en daarmee bij de basisschool EBS-online formeel zijn uitgeschreven wil men daar na 1 oktober 2007 nog onderwijs blijven genieten. Deze einddatum is volgens de directeur van de Saltoschool overeengekomen met het bestuur Salto, de EBS en dhr. Peter Spooren van bureau leerplicht.
Volgens dhr. van Rooij is het opmerkelijk dat die beslissing is genomen buiten dhr. en mw. Heijmen om.
Zie bijlage 4

OKTOBER 2007
Bij brief van 9 oktober 2007 (pdf-bestand) laat de algemeen directeur Salto Eindhoven de dhr. en mw. Heijmen weten dat hun kinderen niet zijn ingeschreven op de Saltoschool en dat hij hen vanaf 10 oktober 2007 de toegang tot de school en schoolplein ontzegt. Als de kinderen toch naar school komen dan zal hij de politie opdracht geven ze te verwijderen.
Opmerkelijk is dat de algemeen directeur van de Saltoschool deze beslissing heeft genomen en niet het bestuur van Salto. Dit des te meer, dit eerder was overeengekomen met het bestuur Salto, de EBS en dhr. Peter Spooren van bureau leerplicht.

Bij brief van 9 oktober 2007 heeft het EKC als gemachtigde tegen deze beslissing van 9 oktober 2007 van algemeen directeur van de Saltoschool een bezwaarschrift ingediend.
Zie dat hier (pdf-bestand)

Omdat de algemeen directeur van Salto maar bleef weigeren een beslissing te nemen op het bovengenoemd bezwaarschrift heeft het Ecologisch Kennis Centrum tegen deze weigering om te beschikken (fictief besluit) beroep aangetekend bij de rechtbank ĺs-Hertogenbosch.
Zie dat hier (pdf-bestand)

Bij brief van 31 oktober 2007 ontvangt dhr. van Rooij, directeur van het EKC, het bericht van de rechtbank dat dit beroep versneld zal worden behandeld.
Zie dat hier (pdf-bestand)

Intussen heeft de rechtbank hiervan ook het bestuur van Salto op de hoogte gebracht. Volgens dhr. van Rooij heeft het bestuur met deze voorkennis bij brief van 14 november 2007 snel een besluit genomen op bovengenoemd bezwaarschrift.
Zie bijlage 5 deel 1, 2, 3, 4 en 5

NOVEMBER 2007
In bovengenoemd besluit van 14 november 2007 schrijft het bestuur van de Salto dat de kinderen van de fam. B. Heijmen zijn ingeschreven bij de EBS en dat Salto ze tijdelijk heeft gedoogd op verzoek van de leerplichtambtenaar. Dit met de wetenschap dat eerder is geschreven (zie hier bewijs) dat de kinderen tijdelijk op beide scholen waren ingeschreven.

In bovengenoemd besluit van 14 november 2007 schrijft het bestuur van de Salto dat zij van mening zijn, dat het schrijven van dhr. Van Baarschot namens salto van 9 oktober 2007 geen besluit is in de zin van artikel 1:3 van de AWB en verklaren het bezwaar van het EKC daarop niet ontvankelijk. Het bestuur van Salto schrijft dat met de wetenschap dat hun directeur eerder bij brief van 11 september 2007 heeft geschreven dat dit is overeengekomen met het bestuur Salto, de EBS en dhr. Peter Spooren van bureau leerplicht. Volgens het EKC is dat gedaan met de wetenschap dat de rechtbank daarop zijn beroepschrift zonder inhoudelijke beoordeling niet ontvankelijk zal verklaren.

DECEMBER 2007
Omdat dhr. en mw. Heijmen aangaven dat de druk om hun kinderen te laten inschrijven op de Saltoschool te groot was heeft het EKC bij brief van 13 december 2007 de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Bosch verzocht om het treffen van voorlopige voorziening lopende de beroepsprocedure.
Zie dat hier (pdf-bestand)

JANUARI 2008
Bij uitspraak van 8 januari 2008 heeft de voorlopige voorzieningenrechter van de rechtbank, zonder dhr. en mw. Heijmen daarover te hebben gehoord, uitgesproken dat de druk op de dhr. en mw. Heijmen niet van dien aard is en dat zij best kunnen wachten met het inschrijven van hun kinderen op de Saltoschool tot na de behandeling van het beroep op 31 januari 2008.
Zie dat hier (pdf-bestand)

Volgens dhr. van Rooij heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank daarmee beslist dat het voor haar geen probleem is dat de kinderen van dhr. en mw. Heijmen vanaf 10 oktober 2007 tot 31 januari 2008 (bijna 4 maanden lang) geen onderwijs volgen.

De druk op dhr. en mw. Heijmen om hun kinderen te laten inschrijven op de Saltoschool werd zodanig ernstig hoog dat zij het psychisch en lichamelijk niet meer tot 31 januari 2008 (de behandeling van het beroep) konden volhouden. Ongeveer een week voor 31 januari 2008 hebben zij hun kinderen dan ook laten uitschrijven bij EBS-online en laten inschrijven bij de Saltoschool.

MAART 2008
Op 10 maart 2008 doet de rechtbank ĺs-Hertogenbosch uitspraak in bovengenoemd beroep dat op 31 januari 2008 ter zitting is behandeld. Betreffende uitspraak in zaaknummer: AWB 07/3519 is bijgevoegd.
Zie dat hier (pdf-bestand)

Hetgeen zoals hierboven beschreven werd voorspeld is in deze uitspraak van de rechtbank ook uitgekomen, namelijk: dhr. en mw. Heijmen zijn geen belanghebbenden meer en de beslissing van de algemeen directeur van Salto is geen besluit als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. Het beroep wordt daarop dan ook niet ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond. Hiermee is tevens aangetoond wat het (geruisloos) afgeschafte procesrecht van een ieder per 1 juli 2005 (zie ook: Actio Popularis) allemaal heeft veroorzaakt.

NOVEMBER 2008
Mede vanwege het feit dat de Raad van State vanuit hun adviserende rol het afschaffen van het procesrecht voor eenieder per 1 juli 2005 (zie ook: Actio Popularis) heeft goedgekeurd, van waaruit hetgeen hierboven staat geschreven heeft kunnen ontstaan, heeft het EKC als gemachtigde van dhr. en mw. Heijmen tegen bovengenoemde beroepsuitspraak van de rechtbank hoger beroep aangetekend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. (zie pdf-uitnodiging)

Dit hoger beroepschrift is op 4 november 2008 ter zitting behandeld. Zie hieronder de pleitnotitie met bijbehorende bijlagen:

De pleitnotitie (pdf-bestand)
Bijlage 1
Bijlage 2
Bijlage 3
Bijlage 4
Bijlage 5 deel 1, 2, 3, 4 en 5
Bijlage 6
Bijlage 7 deel 1, 2, 3, 4
Bijlage 8 deel 1 en 2

Het Echte Nieuws heeft deze zitting bijgewoond. Binnen zes weken zal hierop uitspraak worden gedaan.








Zie ook:
Zaak gifhout op schoolplein: minister Donner moet nieuw besluit nemen
Zaak gifhout op schoolplein: Niemand neemt verantwoordelijkheid
Schuldig voor thuishouden kinderen na plaatsen gifhout op schoolplein
Gevolg afschaffing Actio Popularis: Zaak gif(speel)hout perfect voorbeeld
Waarom achter gesloten deuren? Belanghebbend bij gif(speel)hout?
Diverse overtredingen door Rechtbank in gifzaak speelhout
Waarom gesloten deuren tijdens zaak gif-klokkenluider?
Pers en publiek mogen niet bij zaak gif-klokkenluider zijn
Van Rooij moet uitleggen waarom hij in gif-zaak nog belanghebbende is
GGD Arts adviseerde ge´mpregneerd hout basisschool EBS te vervangen
Giftige palen eruit? Ontwikkelingen schoolplein EBS Eindhoven
Schoolplein in Eindhoven vol gif
De (gif)bewijzen tot nu toe
HOE ZIT HET NOU?
Op welke school waren de kinderen in 2007 nou ingeschreven? Die vraag is belangrijk want als de kinderen officieel op de Saltoschool ingeschreven waren zou er geen procesbelang meer zijn. Volgens onderstaande 4 bewijzen waren de kinderen ingeschreven:

1. Op de Saltoschool
2. Tijdelijk op Saltoschool
3. Op beide scholen
4. Op de EBS


klik voor vergroting
Bewijs 1
2 mei 2007: De directeur van basisschool EBS schrijft dat de kinderen vanaf 15 januari 2007 staan ingeschreven op de Saltoschool.


klik voor vergroting
Bewijs 2
11 september 2007: De Saltoschool schrijft dat de kinderen onderwijs krijgen op basis van een 'tijdelijke' inschrijving.


klik voor vergroting
Bewijs 3
14 september 2007: Volgens dit schrijven van de directeur van basisschool EBS zijn de kinderen op beide scholen ingeschreven.


klik voor vergroting
Bewijs 4
14 november 2007: Volgens dit besluit van Salto waren de kinderen ingeschreven op de EBS en tijdelijk gedoogd op de Saltoschool. (Zie hier deel 1, 2, 3, 4 en 5 van het besluit.)


PROCESBELANG
Mr. W.C.E. Winfield heeft zich nadien gerealiseerd dat dhr. en mw. Heijmen in deze specifieke situatie toch belanghebbende zijn. (Zie uitspraak in editie 2008-08-27)
Omdat mr. W.C.E. Winfield zich dat later in een beroepuitspraak heeft gerealiseerd was het EKC verplicht om in een eerdere uitspraak van niet-realisering (Winfield had toen nog niet alle informatie) in hoger beroep te gaan. Als dhr. Van Rooij niet in hoger beroep was gegaan dan was deze niet-ontvankelijkheid onherroepelijk geworden (niet belanghebbend).










Raad van State
De Raad van State te Den Haag, dinsdag 4 november 2008.


Mr. J.E.M. Polak
Voorzitter Mr. J.E.M. Polak tijdens de zitting op 4 nov. 2008.


Van Rooij bij de Raad van State te Den Haag
Van de kant van dhr. Heijmen is dhr. van Rooij verschenen. Van de kant van Salto is niemand verschenen.